Direct marketing in het kader van de nieuwe GDPR en e-privacyverordening

Op talloze manieren (via e-mail, per post, via de telefoon of zelfs via sociale media kanalen zoals Facebook en LinkedIn) wordt ieder van ons bijna dagelijks geconfronteerd met direct marketing berichten. Bedrijven trachten via verschillende kanalen de persoonsgegevens van (potentiële) klanten te verzamelen met het oog op het voeren van reclame en het stimuleren van hun business. Hoewel dit voor een onderneming zeer nuttig en voordelig is, komt de bescherming van de persoonsgegevens mogelijks in het gedrang.

De Europese wetgever heeft ingegrepen en wil  natuurlijke personen en hun persoonsgegevens beter beschermen. Op 25 mei 2018 wordt de Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna ‘AVG’) daarom in het leven geroepen . Via deze verordening wil de Europese wetgever voornamelijk de bescherming van persoonlijke informatie van natuurlijke personen (‘betrokkenen’) waarborgen en reguleren.

Daarnaast wordt er op Europees niveau gewerkt aan een nieuwe E-privacy Verordening. Deze verordening beoogt een betere bescherming van persoonsgegevens in de wereld van elektronische communicatie.

Om als bedrijf direct marketing berichten te mogen versturen aan natuurlijke personen, is de voorafgaande toestemming van deze personen noodzakelijk. Deze toestemming moet in de toekomst voldoen aan de vereisten van de AVG. Dat betekent dat toestemming vrij, ondubbelzinnig, specifiek en geïnformeerd moet zijn. Het geven van deze toestemming vereist een ‘positieve handeling’ van de betrokkene, zoals bijvoorbeeld het aanklikken van een ‘opt-in box’ (een reeds aangeklikte box is dus uit den boze).

Enkele voorbeelden van hoe toestemming het best wordt verkregen:

  • “Ik wens gecontacteerd te worden voor nieuw acties en promoties” (ja/nee)

  • “Ik wil wekelijks kortingen op maat ontvangen” (ja/nee)

  • “Mijn gegevens mogen gebruikt worden voor het versturen van nieuwsbrieven door ons en (eventueel) door de volgende partners: (partners)” (ja/nee)

Op deze toestemmingsvereiste bestaat één uitzondering: direct marketing berichten via e-mail of SMS aan bestaande klanten voor gelijkaardige producten of diensten. Voor dit type direct marketing is het voldoende dat de persoonsgegevens verkregen werden en gebruikt worden op een rechtmatige manier. Het is, o.a., voor deze gevallen dat de AVG de rechtvaardigingsgrond ‘gerechtvaardigd belang van de verwerkingsverantwoordelijke’ voorziet. Wanneer men op deze grond wil beroepen, moet er steeds een belangenafweging gemaakt worden tussen de belangen van de verwerkingsverantwoordelijke enerzijds en deze van de betrokkene anderzijds. Het belang van het bedrijf (de verwerkingsverantwoordelijke) kan erin bestaan om contact op te nemen met klanten om zo de relatie verder te zetten en/of nieuwe, gelijkaardige producten of diensten aan te prijzen. Het belang van de klant (de betrokkene) daarentegen kan erin bestaan om (niet) gecontacteerd te worden door het bedrijf om bijvoorbeeld aanbiedingen, promoties, acties, etc. te ontvangen. Dit belang van de klant om, al dan niet gecontacteerd te worden moet evenredig zijn aan het voordeel ervan.

Of de grond nu toestemming of gerechtvaardigd belang is, het is steeds van belang dat de betrokkene, ofwel zijn toestemming kan intrekken, ofwel de mogelijkheid heeft om zich uit te schrijven voor deze direct marketing berichten. Dit kan via een ‘unsubscribe’ link of door het verzenden van een stopzettingsmail.

Het gerechtvaardigd belang kan dus een interessant alternatief bieden voor ondernemingen die direct marketing berichten wensen te versturen, maar waakzaamheid bij het aanwenden van deze grond is wel geboden!

Leave your Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.